Vlaams regeerakkoord, een eerste analyse

Gisteren kwam er eindelijk het nieuws dat we een nieuwe Vlaamse regering hebben. Er is in de pers al wel wat geschreven over enkele punten uit het meer dan 300 pagina’s tellende akkoord, op de volledige tekst was het even wachten. Wat ons het meest interesseert is natuurlijk waarover er een akkoord is rond alleenstaande ouders, jong partnerverlies en nieuw samengestelde gezinnen. 

Onderstaande punten kwam ik alvast tegen na een eerste, ietwat vluchtige lezing. Voor alle duidelijkheid: deze zaken zijn niet definitief beslist. Het zijn intenties – goede voornemens zeg maar – waarrond de komende 5 jaar zal gewerkt worden. 

 

Onderwijs

Geen expliciete vermelding in dit hoofdstuk van de wijzigende gezinssituaties en de uitdagingen daarvan in het onderwijs. Een gemiste kans. 

Voor jonge leerlingen is het goed dat zij van jongs af geconfronteerd worden met diversiteit. Naast aandacht voor de verschillen en de raakpunten met mensen met een andere afkomst of mensen met een beperking, is ook het leven in een andere gezinsvorm iets wat hen bezig houdt. Voor leerlingen in de laatste jaren secundair en het hoger onderwijs is sensibilisering nodig rond het thema gezin. Zij gaan hun eerste relaties aan en het is goed hen te informeren dat dat niet altijd rozengeur en maneschijn is, maar dat het soms ook fout loopt. 

Ook leerkrachten zijn te weinig op de hoogte van de huidige verschillende gezinsdynamieken en de invloed daarvan op hun leerlingen. Zij zijn zelf vaak vragende partij voor meer ondersteuning. 

Toch zien we in een aantal erg algemene bewoordingen zoals het herbekijken van de eindtermen, de betrokkenheid van ouders en meer aandacht voor burgerschap een opening om de thema’s binnen te brengen. 

 

Werk en sociale economie

De bedoeling is duidelijk. Meer mensen aan het werk krijgen als antwoord op de snel wijzigende arbeidsmarkt, de betaalbaarheid van de sociale zekerheid en de demografische evolutie (we worden steeds ouder).

Meer aandacht voor een haalbare combinatie werk – (alleenstaand) ouderschap is daarvoor een vereiste. 

  • Kinderopvang: voorrang voor kinderen van werkende ouders en ouders die een opleiding volgen. Dit was al zo en blijft terecht behouden. Daarnaast moet het een aandachtspunt zijn dat het niet hebben van kinderopvang een drempel kan zijn om in te gaan op een jobaanbieding. 

 

  • Het verminderen van inactiviteitsvallen door sociale voordelen te koppelen aan het inkomen en niet langer aan een bepaald sociaal statuut is een zeer goed uitgangspunt. Het maakt werken een stuk interessanter. De inactiviteitsval is een reëel probleem voor iedereen die twee soorten inkomens combineert (inkomen uit arbeid met een vervangingsinkomen of twee inkomens uit deeltijdse arbeid). Ook al is dit in eerste instantie grotendeels een federale materie, zou dit een grote stap vooruit zijn voor veel mensen.  Dit principe wordt nu al voor het eerst toegepast bij de schooltoelage, waardoor heel wat meer ouders nu een schooltoelage ontvangen.

 

  • Een jobbonus om het verschil tussen werken en niet werken te vergroten. Het maximum bedrag zou 600 euro per jaar zijn voor een brutoloon onder 1.700 euro. Voor een brutoloon onder 2.500 euro zal het een lager bedrag zijn. 

 

  • We zijn solidair met wie het nodig heeft en streng voor wie de sociale zekerheid misbruikt. We bekijken op regelmatige basis of een rechthebbende nog voldoet aan de voorwaarden van zijn uitkering of premie, zodat de ondersteuning wordt voorzien voor wie het echt nodig heeft.
    Een principe waar je niet tegen kan zijn lijkt me. Hoe men dit in de praktijk zal toepassen is nog af te wachten.

 

  • Werkgevers worden gestimuleerd  om flexibele werktijden en thuiswerk zoveel mogelijk te benutten. Hier wel een verwijzing naar de eenoudergezinnen voor wie de combinatie werk-gezin een nog grotere uitdaging is. 

 

Welzijn

Een hele belangrijke: de evaluatie van het groeipakket. De nieuwe regeling rond de kinderbijslag heeft een aantal ongewenste neveneffecten, vooral voor wezen en nieuw samengestelde gezinnen. Als we dit willen aankaarten hadden we deze vermelding nodig en daarmee is die eerste horde toch al genomen. 

Er komt een evaluatie van het huidige plan rond suïcidepreventie. En er wordt meer aandacht besteed aan de eerstelijnspsychologische functie (rol van de huisarts, aandringen voor een uitbreiding van de terugbetaling van psychologische hulp van minderjarigen, wachtlijsten CGG’s). 

 

Armoedebestrijding

Wie gaat werken moet er financieel op vooruit gaan, daarom maken we sociale voordelen afhankelijk van iemand zijn inkomen in plaats van iemand zijn statuut als bijvoorbeeld niet-werkende, zodat ook werkende mensen met een laag inkomen er beroep op kunnen doen of voordelen niet meteen verdwijnen als men aan de slag gaat.

Hopelijk beseft men intussen dat men in dat geval rekening moet houden met het netto-inkomen en niet met het belastbaar inkomen dat vaak kunstmatig hoog is.

 

Er komt één gezinscoach op lokaal niveau in plaats van de verschillende partners nu. 

 

Er bestaan al heel wat sociale tegemoetkomingen en voordelen op verschillende niveaus. Maar ze zijn vaak niet gekend of de aanvraagprocedure is te moeilijk. Daarom zal ingezet worden op duidelijkere informatie en automatische toekenning. 

 

Alleenstaanden en alleenstaande ouders lopen vaak een hoog risico op armoede. Daarom onderzoeken we in diverse relevante beleidsdomeinen zoals wonen en fiscaliteit of nieuwe of bestaande beleidsmaatregelen niet onterecht nadelig uitvallen voor alleenstaanden.

 

Wonen

Bij de toekenning van sociale woningen wordt het puntensysteem afgeschaft en wordt de lokale binding het eerste criterium. Gemeentes kunnen maximaal 50% toewijzen aan specifieke doelgroepen. Dit zouden bijvoorbeeld alleenstaande ouders meteen na een scheiding kunnen zijn die een woning zoeken als tijdelijke oplossing. 

Het verdwijnen van de woonbonus kwam al uitgebreid aan bod in de pers. Ter compensatie worden de registratierechten verlaagd naar 6%. Het voordeel is dat er minder geld nodig is bij de aankoop van een woning en er mogelijk minder geleend moet worden en dus minder intresten terugbetaald. Het belastingvoordeel dat gespreid was over vele jaren valt weg en dat zal nadelig zijn voor mensen die hun woning 20 jaar of langer houden. De realiteit is tegenwoordig echter wel dat heel wat woningen sneller verkocht worden. De verwachting is dat de prijzen zullen dalen door deze maatregel, maar of dat echt zo zal zijn is nog maar de vraag. 

 

Financieel

Tot slot worden nog enkele financiële en fiscale maatregelen vermeld, die niet verder in detail worden uitgewerkt. 

  • Het belastingvoordeel van dienstencheques daalt naar 20%
  • De geregistreerde schenking is fiscaal voordeliger en zorgt voor rechtszekerheid. Daarom wordt deze aangemoedigd door de verdachte periode van niet-geregistreerde schenkingen te verlengen van 3 naar 4 jaar. 
  • Vriendenerfenis: een bepaald deel zal kunnen nagelaten worden aan een niet-verwant of een ver familielid aan het laagste tarief. 
  • Lager tarief voor de populaire duolegaten. 

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*